Zwangerschapsdiabetes: een adequate behandeling

Gepubliceerd door Dr. Sylvie Coulomb, bewerkt door Pierre Dewaele op 08/04/2002 - 00h00
-A +A

PUB

Wat gebeurt er bij het onderzoek?

Er wordt een orale glucosetolerantietest (OGTT) uitgevoerd om na te gaan of de zwangere vrouw een glucosebelasting normaal kan verwerken. De arts laat de vrouw 50 g glucose innemen en na één uur wordt dan de bloedglucosespiegel gemeten. Gedurende de hele duur van de test moet u rusten. U moet niet nuchter zijn vóór de test. Na inname van de suiker mag de bloedglucosespiegel niet stijgen boven 140 mg/dl (7,8 mmol/l). Als de bloedglucosespiegel hoger is, wordt een volledige orale glucosetolerantietest uitgevoerd met inname van 100 g glucose en 4 metingen van de bloedglucosespiegel over een periode van 3 uur. Zo kan dan de diagnose zwangerschapsdiabetes worden gesteld.Deze test neemt echter nogal veel tijd in beslag. Daarom raadt de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) een andere methode in een diagnostische tijd aan, nl. een orale glucosetolerantietest met 75 g glucose en 3 metingen van de bloedglucosespiegel over een periode van 2 uur.

Welke behandeling?

Vrouwen met zwangerschapsdiabetes moeten de laatste weken van de zwangerschap bijzonder goed worden gevolgd. Daarbij moet men trachten de bloedglucosespiegel gedurende de hele duur van de zwangerschap strikt normaal te houden. Daarvoor moet de vrouw zelf haar suikerspiegel meten op bloed dat aan de vingertoppen wordt afgenomen vóór en na de drie hoofdmaaltijden.De behandeling van zwangerschapsdiabetes bestaat in de eerste plaats in dieet. In veel gevallen kan de bloedglucosespiegel normaal worden gehouden met dieet alleen. Als de vrouw niet te zwaar is, wordt een normale hoeveelheid calorieën aanbevolen. Maar als de vrouw zwaarlijvig is of gewoonlijk te veel eet, wordt een matige caloriebeperking aanbevolen. De zwangerschap is immers niet het beste moment om een vermageringsdieet te volgen: dit zou immers leiden tot een te laag geboortegewicht. De hoeveelheid calorieën mag niet minder bedragen dan 1.600/1.800 kcal/dag. De calorieën moeten voor 50% bestaan uit koolhydraten (grotendeels complexe koolhydraten en vezels), voor 30% uit vetten (minder dan 10% verzadigde vetten) en voor 20% uit eiwitten.Fysieke activiteit vermindert de resistentie van de cellen tegen insuline en is dan ook zeer belangrijk. De graad van fysieke activiteit hangt af van de toestand van de baarmoeder en de baarmoederhals en eventuele bijzonderheden van de zwangerschap.Als de bloedglucosespiegel niet normaliseert met dieet alleen, wordt insuline voorgeschreven. Vaak gebeurt de behandeling in het dagziekenhuis onder leiding van een diabetoloog en wordt een zo volledig mogelijke educatie gegeven: zelfmonitoring van de glucosespiegel op bloed afgenomen aan de vingertoppen meerdere malen per dag, dagelijks opsporen van ketonlichamen in de urine (cellijden door insulinetekort), aanpassing van de insulinedoses, dieet. De behandeling met insuline wordt stopgezet bij de bevalling.Zwangerschapsdiabetes is geen contra-indicatie voor borstvoeding.Na de bevalling zijn de metabole problemen bij de moeder niet volledig opgelost: ze kan immers evolueren naar een echte type 2 diabetes, vooral als ze zwaarlijvig is.Daarom is het zo belangrijk het metabolisme van glucose nadien te volgen. Het is zeer belangrijk de risicofactoren aan te pakken, waarbij vooral aandacht moet worden besteed aan de calorie-inname en het gewicht.

Gepubliceerd door Dr. Sylvie Coulomb, bewerkt door Pierre Dewaele op 08/04/2002 - 00h00 - Diabète et Métabolisme. Le diabète gestationnel. 1997; 23:5-50 - Diabetes Review. Diabetes and pregnancy. 1996; 41:1-127 - Guide de surveillance de la grossesse de l'ANDEM. C. Tchobroutsky
Bekijk dit artikel
Vous devez être connecté à votre compte E-Santé afin de laisser un commentaire
PUB