Geachte Marion garteiser, Mijn cholesterolgehalte is 230,en alhoewel ik gezond eet en aan sport doe blijft hij(volgens de docter ) toch te hoog. Ik moest dus van de docter statines nemen . Maar ik ...
- Favorieten
-
Delen
Naar een vriend sturenNAAR EEN VRIEND STUREN close
Boodschap ter attentie van de internetbezoeker die zijn formulier invult
Wie moet zijn cholesterolgehalte meten en wanneer? - Afprinten
Wie moet zijn cholesterolgehalte meten en wanneer?
- Totaal cholesterolgehalte
- Bilan van de lipidenanomalieën (dyslipidemie)
- Wat u moet weten
- Welke behandeling?
- Wanneer en hoe vaak moet men het cholesterolgehalte laten meten ?
Totaal cholesterolgehalte
Het meten van het totaal cholesterolgehalteis een onderzoek dat een goed
globaal beeld geeft van het cholesterolgehalte op het ogenblik van het
onderzoek. Het onderzoek kan snel en gemakkelijk uitgevoerd worden door een
laboratorium. Het wordt vaak voorgeschreven door artsen in het kader van de
systematische opsporing van aandoeningen of ter controle.
Maar zelfs als het totaal cholesterolgehalte te hoog is, dan wil dat nog niet
zeggen dat de patiënt teveel cholesterol heeft of hypercholesterolemie. Er is
namelijk 'goede' en 'slechte' cholesterol waarvan de respectievelijke waarden
gemeten moeten worden. Bij de analyse van het cholesterolgehalte in het bloed
moet dus ook gezocht worden naar lipidenanomalieën.
Bilan van de lipidenanomalieën (dyslipidemie)
Een bilan van de lipidenanomalieën bestaat uit de volgende metingen:
- Het totaal cholesterolgehalte (normaal: 4,1 à 6,2 mmol/l of 1,60 à 2,40 g/l).
- De triglyceriden (indicator voor het cardiovasculair risico).
- Het HDL-cholesterolgehalte of de 'goede' cholesterol (normaal: 0,9 à 2 mmol/l of 0,35 à 0,75 g/l).
- Het LDL-cholesterolgehalte of 'slechte' cholesterol, in vergelijking met de HDL-cholesterol, het totale cholesterolgehalte en de triglyceriden (normaal: 2,6 à 4,2 mmol/l of 1 à 1,6 g/l).
De metingen worden gedaan op basis van een bloedstaal. De patiënt moet bij de bloedname wel nuchter zijn.



