• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    4 mening
  • Raadplegingen (17130)
  • Commentaren (0)

Vrouwenziekten

Vrouwenziekten

Premenstrueel syndroom (PMS)

De oorzaak van premenstruele spanningen is niet bekend. Er bestaan verschillende theorieën, in het bijzonder dat deze spanningen zijn te wijten aan een uit evenwicht raken van de hormoonhuishouding of gevoeligheid voor een van de geslachtshormonen. De symptomen zijn verschillend van aard en hevigheid en staan onder invloed van spanningen. Soms een opgeblazen gevoel in de maagstreek, soms pijnlijke en opgezwollen borsten; de spanning kan ook tot uiting komen in prikkelbaarheid en depressieve buien.Sommigen krijgen hoofdpijn, anderen kunnen tijdens de 10 dagen voor de menstruatie niet slapen. Bij het doorbreken van de menstruatie zijn deze symptomen binnen 24 uur verdwenen.PMS is heel vervelend en komt erg veel voor. Helaas bestaat er geen afdoende behandeling. Sommigen hebben baat bij het slikken van vochtafdrijvende middelen (diuretica), anderen bij bepaalde hormonen. Bij een gestuwd bekken blijven bepaalde verschijnselen van de premenstruele spanning de hele menstruele cyclus voortduren, maar verergeren meestal op de dagen voor de menstruatie. De patiënt klaagt over een drukkend gevoel in het bekken, rugpijn, hoofdpijn en voelt zich niet lekker. De verschijnselen worden veroorzaakt door bloedstuwing in de bekkenorganen, die door emotionele spanningen ontstaan. De beste behandeling is te trachten de emotionele problemen op te lossen. Niet zelden zijn deze vrouwen ook degenen die vlak voor hun menstruatie plotseling bar_ten van energie. De ramen worden gezeemd, de meubels verplaatst en huishoudelijke karweitjes die ze de week tevoren hadden laten liggen, worden in een vlaag van activiteit afgewerkt. En behalve dat ze nog een uitstekende partij tennis spelen, een vergadering voorzitten en de radio repareren, hebben ze ook nog zin in seks.

Borstkanker

Zoals bij alle vormen van kanker, is er bij borstkanker sprake van ongeremde celdeling. De abnormale cellen blijven zich delen en groeien uit tot een kwaadaardige tumor. Als de tumor niet wordt verwijderd of bestraald, zal deze steeds verder doordringen in het gezonde weefsel. Per jaar krijgen zo'n 10.000 vrouwen deze vorm van kanker. Borstkanker komt in de westerse wereld het meeste voor. Nederland staat wereldwijd als een van de hoogste op de ranglijst.Vóór het dertigste jaar is borstkanker zeldzaam, daarna komt de ziekte steeds meer voor. Drie kwart van alle borstkankerpatiënten is ouder dan vijftig jaar. Borstkanker komt ook voor bij mannen, maar veel minder dan bij vrouwen. Nu de meeste ziekten waaraan in het verleden mensen op jonge leeftijd stierven kunnen worden voorkomen of genezen, is kanker op latere leeftijd het onderwerp geworden van vele onderzoekingen over de gehele wereld.De enige voorwaarde om te voorkomen dat iemand aan kanker zal sterven, is dat het gezwel al in een vroeg stadium wordt ontdekt. In dit opzicht hebben vrouwen meer geluk dan mannen, want de borsten en de baarmoeder zijn gemakkelijk toegankelijk voor onderzoek, althans wanneer de vrouw zich geregeld laat onderzoeken.Bevorderende factorenWat de precieze aanzet is voor het begin van een kwaadaardige groeistoornis, is nooit duidelijk. Meestal beïnvloeden bepaalde stoffen rechtstreeks of indirect de celgroei. Bij kanker van de borstklier is de hormoonproductie een bevorderende factor. Welke factor de kanker plotseling manifest maakt, is nooit te achterhalen. Uit de gegevens over kankerpatiënten, die in sommige landen al tientallen jaren worden bijgehouden, is wel een aantal verbanden gelegd.Mogelijke bevorderende factoren zijn:- duur van de hormoonproductie;- wel of niet borstvoeding;- leeftijd;- erfelijkheid;- gebruik van hormonen.

  • Zo werd vastgesteld dat de duur van de vruchtbare periode bij de vrouw een rol kan spelen. Hoe langer die duurt, hoe langer ook de hormoonproductie duurt en hoe groter de kans is op borstkanker. Vrouwen die kinderloos zijn blijken ook meer risico te lopen.
  • Waarom dat zo is weet niemand, maar het is opvallend dat vrouwen die ooit borstvoeding hebben gegeven veel minder kans hebben op borstkanker. Een mogelijke verklaring hiervoor is het feit dat de melkproducerende cellen in de borstklier gedurende elke menstruatiecyclus door de hormonen worden aangezet om melk te gaan produceren. Als de vrouw nooit zwanger wordt, kunnen de melkcellen nooit hun natuurlijke taak vervullen.
  • De leeftijd speelt ook een rol. Kwaadaardige gezwellen bij vrouwen beneden de 30 jaar komen haast nooit voor. Vanaf het dertigste jaar neemt de kans toe. Drie kwart van alle borstkankers treedt pas op bij vrouwen die ouder zijn dan vijftig jaar. Een verklaring hiervoor werd nog nooit gevonden.
  • Erfelijkheid is zeker ook een bevorderende factor. Er blijkt een familiale aanleg te bestaan voor het ontwikkelen van borstkanker. Dat betekent niet dat borstkanker overgaat van moeder op dochter. Wel dat er een verhoogde kans is.
  • De anticonceptiepil heeft invloed op de hormoonhuishouding en wordt daarom bestudeerd op haar eventuele invloed op borstkanker. De stand van zaken op dit moment is, dat langdurig pilgebruik het risico niet verhoogt voor vrouwen tussen 36 en 45 jaar en iets verhoogt voor vrouwen tussen 45 en 55 jaar.
  • Daarnaast blijkt dat vrouwen die vanaf jonge leeftijd gedurende meer dan vier jaar de pil slikken, iets meer kans lopen op borstkanker vóór hun zesendertigste jaar. Daarbij moet men wel bedenken dat borstkanker op die leeftijd weinig voorkomt. Gezien deze onderzoeksresultaten is er geen reden om de pil af te raden.
  • Een vrouw heeft een verhoogd risico als iemand van haar familie voor haar veertigste jaar borstkanker heeft gehad; als zij nooit zwanger is geweest of haar eerste kind kreeg na haar dertigste; als zij voor haar twaalfde begon te menstrueren en na haar vijftigste nog menstrueerde; als zij veertig jaar of ouder is.
  • De bovenstaande factoren hebben alleen een statistische waarde. Dat betekent dat hun aanwezigheid van belang kan zijn voor een groep mensen, maar dat het niet noodzakelijk waar is voor één enkele persoon. Lange tijd is gedacht dat er een verband was tussen vet en borstkanker. Maar uit recente studies blijkt dat vet geen risicofactor is. Nu wordt eerder gedacht aan 'overgewicht', hoewel dat ook door te veel vet eten kan worden veroorzaakt. Uit onderzoek is wel gebleken dat alcohol, dat wil zeggen meer dan twee à drie glazen per dag, het risico op borstkanker vergroot.
ZiekteverschijnselenHet eerste teken van een kankergezwel is meestal een knobbeltje ergens in de borst. Als er kankergezwellen aanwezig zijn, reageert het lichaam hierop door bindweefsel te vormen en samen met de kankercellen ontstaat dan zo'n knobbeltje. Wacht als u zoiets voelt nooit af en ga onmiddellijk naar de dokter. Niet elke knobbel is een kankergezwel, maar alleen een arts kan - na onderzoek - het verschil zien. Soms kan vocht- of bloedverlies langs de tepel een eerste symptoom zijn.De melkgangen monden uit in de_tepel en de meeste borstgezwellen ontstaan hier. In een verder stadium kan de huid van de tepel beginnen te verschrompelen en naar binnen trekken. Nog later worden de lymfklieren in de oksel aangetast, vanwaar uitzaaiingen naar de andere organen optreden.Bezoek aan de huisarts is verstandig als een van de volgende 'afwijkingen' wordt ontdekt:
  • een knobbeltje of een onregelmatige verdikking;
  • een kuiltje in de huid van de borst;
  • veranderingen aan de tepel zoals een intrekking, roodheid, chilferigheid en/of eczeem;
  • vocht uit de tepel, doorzichtig, groen of bloederig.
UitzaaiingenOok bij borstkanker bestaat de kans dat kankercellen zich door het lichaam verspreiden. Als kankercellen via het lymfvocht uitzaaien, zullen zij in de lymfklieren kunnen uitgroeien tot een metastase. Bij borstkanker ontstaat de eerste metastase vaak in de lymfklieren in de oksel aan de kant van de aangedane borst. Ook kunnen kankercellen uitzaaien via het bloed. Deze cellen kunnen op die manier ver van de oorspronkelijke tumor uitgroeien tot een metastase. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren in de botten. Men spreekt dan niet van botkanker, maar van een botmetastase afkomstig van borstkanker. Bij borstkanker kunnen ook uitzaaiingen optreden in andere organen, zoals de longen en de lever. DiagnoseBij de diagnose wordt eerst onderzocht of de patiënte kanker heeft en zo ja, hoever deze ziekte zich heeft uitgebreid. De meeste vrouwen met een borstafwijking zullen eerst naar hun huisarts gaan; deze bevoelt de borsten zorgvuldig. Dit onderzoek heet een palpatie. Zo nodig zal de huisarts de patiënte verwijzen naar een gynaecoloog of chirurg.Om met zekerheid te kunnen vaststellen of een borstafwijking goedaardig of kwaadaardig is, zal de chirurg een aantal onderzoeken (laten) verrichten. De gynaecoloog of chirurg herhaalt de palpatie van de borsten. Vervolgens worden röntgenfoto's gemaakt, een zogeheten mammografie. Soms is ook nog echografie nodig; bij dit onderzoek wordt een afbeelding van de borsten gemaakt met behulp van geluidsgolven.Deze onderzoeken leveren gegevens op over de plaats en de grootte van de afwijking en mogelijk ook over de aard van de aandoening. Op grond hiervan kan de chirurg bepalen of weefselonderzoek nodig is. WeefselonderzoekAls weefselonderzoek nodig is, wordt vaak een punctie verricht. Bij dit onderzoek worden weefsel=ellen opgezogen met een dunne, holle naald. De patholoog-anatoom of de cytoloog beoordeelt deze cellen onder de microscoop. Als deze arts verdachte cellen heeft aangetroffen, zal de chirurg de patiënte adviseren (een stukje) afwijkend weefsel operatief te laten verwijderen. Dit onderzoek heet een biopsie.Per patiënte bekijkt de chirurg op welke manier de biopsie kan worden gedaan. Voor een biopsie van een kleine afwijking is tegenwoordig geen langdurige opname in het ziekenhuis meer nodig. De ingreep kan vaak onder plaatselijke verdoving op de polikliniek worden verricht. Ook kan de patiënte voor de biopsie een dag worden opgenomen zodat de ingreep, indien nodig, onder volledige narcose kan gebeuren.Éet weefsel dat bij de biopsie wordt weggenomen, wordt door de patholoog-anatoom onder de microscoop onderzocht. Als deze vaststelt dat de afwijking kwaadaardig is, zal verdere behandeling nodig zijn.Op grond van de palpatie en/of de mammografie kan de chirurg al sterke aanwijzingen hebben dat de afwijking kwaadaardig is en zal een uitgebreide operatie nodig zijn. De biopsie wordt dan onder narcose gedaan. De patholoog-anatoom onderzoekt het stukje weefsel direct nadat het is verwijderd.De patiënte blijft intussen onder narcose. Als de uitslag ongunstig is, kan de chirurg vervolgens meer klierweefsel of de hele borst verwijderen. Vanzelfsprekend wordt over deze gang van zaken met de patiënte vooraf uitvoerig overlegd.Behalve weefselonderzoek wordt over het algemeen ook bloed onderzocht en worden röntgenfoto's van de longen gemaakt. Deze onderzoeken geven de arts een beeld van de algemene gesteldheid van de patiënte en kunnen aanwijzingen opleveren aangaande eventuele uitzaaiingen.Als vaststaat dat een patiënte borstkanker heeft, kunnen nog andere onderzoeken volgen. Dit is het geval als de arts aanwijzingen heeft dat er uitzaaiingen elders in het lichaam zijn of als de patiënte bepaalde klachten heeft, bijvoorbeeld van het skelet. Scan- en isotopenonderzoekEen scan (CT-scan of MRI) kan een van de vervolgonderzoeken zijn. Bij dit röntgenonderzoek worden dwarsdoorsnedefoto's gemaakt van de verschillende organen, zoals de lever, de longen en de botten. Het scan-apparaat maakt deze foto's met behulp van röntgenstraling en een computer, terwijl de patiënte langzaam door een 'tunnel' schuift.Ook wordt soms een isotopenscan gemaakt. Dit gebeurt om na te gaan of er uitzaaiingen zijn, bijvoorbeeld in de botten. Voor dit onderzoek krijgt de patiënte een licht radioactieve stof ingespoten in een ader van de arm. Na enkele uren komt deze stof in de botten terecht en kunnen er foto's worden gemaakt. Op de foto's is te zien op welke plaatsen in de botten radioactieve stof zit en hoeveel. Hieruit kan de arts opmaken waar zich eventueel uitzaaiingen bevinden. BehandelingBij de therapie van borstkanker kunnen verschillende methoden worden toegepast:- operatie;- radiotherapie (bestraling);- chemotherapie; - hormonale therapie.Vaak zal de behandelend arts een combinatie van behandelmethoden adviseren. Mede op grond van de uitgebreidheid van de ziekte wordt bekeken van welke behandeling(en) de patiënte de beste resultaten mag verwachten. Per patiënte kan de behandeling dus verschillen.Thans wordt aan vrouwen met borstkanker veel Tamoxifen voorgeschreven. Wanneer een arts oestrogenen adviseert, moet dan ook steeds een goede afweging worden gemaakt van de voor- en nadelen. In het geval van Tamoxifen weegt het goede resultaat van de behandeling nadrukkelijk op tegen het risico op baarmoederkanker. En omdat dit risico bekend is, moeten borstkankerpatiënten die Tamoxifen slikken bij klachten worden gecontroleerd op baarmoederkanker.De aard en omvang van de behandeling zal met de patiënte worden besproken.

Bronnen: Medica Press

Deze fiche maakt deel uit van de gids Gids Ziekten en aandoeningen, rubriek Seks, Nieren, Urinesysteem

Vindt u het artikel interessant?
 

Pub

De internetgebruikers die dit artikel hebben gelezen raadpleegden ook

Uw interactief gedeelte over Gynaecologie

Neem deel aan de meest actieve discussies