• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    0 mening
  • Commentaren (0)

Vlees voor sporters, vriend of vijand?

Vlees voor sporters, vriend of vijand?

In de jaren '90 is er een klimaat van angst ontstaan rond vlees: er zaten gifstoffen in, het was besmet en het was gevaarlijk. Vandaag zijn het vooral de GGO's (genetisch gemodificeerde organismen) die ons zorgen baren, mede door de groeiende aandacht voor biologische producten.

Maar eiwitten worden wel almaar meer erkend als een gezondheidscomponent van onze voeding.

Als het over vlees gaat, horen we twee klokken luiden. Aan welke van beide moeten sporters geloof hechten?

De controverse rond vlees

Er bestaan dus twee kampen, en die zijn er natuurlijk allebei van overtuigd dat ze het bij het rechte einde hebben. Enerzijds is er het kamp van diegenen die geen vlees eten uit angst voor de giftige stoffen erin.

Aan de andere kant zijn er diegenen die denken dat vlees onmisbaar is om de spieren te versterken. Deze laatste groep argumenteren met een logica waar ogenschijnlijk geen speld tussen te krijgen is:

  • een sporter heeft meer eiwitten nodig.
  • Vlees bevat eiwitten.
  • Dus moet een sporter meer vlees eten.

Maar deze redenering wordt weerlegd door het feit dat almaar meer atleten vegetariërs zijn. Er valt heel goed te leven zonder vlees en de eiwitten die nodig zijn om een evenwichtige voeding te krijgen zijn gemakkelijk in andere voedselbronnen te vinden.

Is vlees slecht voor sporters?

Bekijken we even de argumenten van het andere kamp. Klopt het dat dierlijk vlees giftige stoffen bevat dat het lichaam kan verontreinigen? Om op die vraag te antwoorden moeten we eerst duidelijkheid scheppen over de term "giftige stof". Wat verstaan we daaronder? Als we, zoals vaak het geval is in het sportmilieu, daarmee stoffen bedoelen die tot verzuring van de weefsels leiden, dan klopt het niet.

Om op die vraag te antwoorden, moeten we het eens zijn over wat er onder het woord "toxine" wordt verstaan. Het vlees dat in onze winkelrekken ligt, is gecontroleerd en bevat dus geen toxische stoffen. De afval- of toxische stoffen die bij de vertering van het vlees ontstaan, worden snel uitgescheiden en zouden dus geen reden tot bezorgdheid mogen zijn.

Het cholesterolverhaal ligt iets ingewikkelder. Er zit cholosterol in vlees, dat weten we allemaal. Mensen die een te hoge cholesterol hebben, krijgen dan ook de raad om hun vleesconsumptie te beperken. Maar de hoeveelheid cholesterol die we uit onze voeding halen, is doorgaans veel kleiner dan wat ons eigen lichaam aan cholesterol produceert.

Er bestaat dus geen zuiver rationeel argument om te pleiten voor vlees, of tegen vlees. Uiteindelijk gaat het dus om een persoonlijke keuze waarin religieus, filosofisch, gastronomisch of cultureel gefundeerd kan zijn. Maar dus niet wetenschappelijk.

Bijgewerkt door Marion Garteiser, gezondheidsjournaliste op 25/08/2014
Origineel artikel geschreven door op 08/04/2008

Bronnen: (1) REMER T, MANZ F (1995): J.A.M.A, 96: 791-7.

Vindt u het artikel interessant?
 

Meer weten

image_format_460_230

Voeding vóór een wedstrijd

  • Het is de bedoeling een zo groot mogelijke glycogeenreserve aan te leggen. 
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating