• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    2 mening
  • Commentaren (0)

Te dik of te breed?

Te dik of te breed? Overgewicht en obesitas zijn verschijnselen die duidelijk omschreven worden door middel van de BMI (Body Mass Index), die berekend wordt op basis van het gewicht en van de lichaamslengte. Maar er bestaan ook andere meetinstrumenten zoals impedantie (het vetpercentage) en de tailleomtrek.

Bent u te zwaar?

Op elke leeftijd kan de BMI aantonen of de verhouding tussen het lichaamsgewicht en de lichaamslengte zich al dan niet binnen het gemiddelde bevindt. Voor kinderen wordt de BMI op een groeicurve aangegeven. Voor volwassenen zijn de grenzen duidelijk vastgelegd. Op basis van deze grenzen spreekt men van normaal gewicht, ondergewicht, overgewicht of zwaarlijvigheid.

De berekening van de BMI bestaat erin het gewicht in kilo te delen door de lengte in meter in het kwadraat:
gewicht in kg/ (lengte in m.)²

bijvoorbeeld :
Een man die 80 kg weegt en 1,75 m groot is heeft een BMI van 26,1 (80 gedeeld twee maal door 1,75).

- Onder de 18,5 geeft de BMI ondergewicht aan.
- tussen 18,5 en 24,9, is het gewicht normaal.
- tussen 25 et 29,9 spreekt men van overgewicht.
- Vanaf 30 heeft men het over obesitas.

Bent u te breed?

De BMI houdt geen rekening met de verdeling van het vet over het lichaam. Daarom kan deze index aangevuld worden met de taille-omtrekmeting. Deze waarde is erg belangrijk. Een 'buikje' is niet alleen onesthetisch maar levert daarbij ook een verhoogd hart- en aderrisico. De vetopeenhoping ter hoogte van de buik verstoort het metabolisme van de vetten en dat van suiker. Zodoende hoort de tailleomtrek bij de factoren die het stofwisselingsgebeuren mee bepalen (combinatie van meerdere afwijkingen: obesitas, diabetes, een te hoog cholesterolgehalte, hypertensie)
De meting gebeurt met een lintmeter en ter hoogte van de navel.

De normale limiet van de buikomtrek is:
- 102 cm voor mannen,
- 88 cm voor vrouwen.
Indien de gemeten waarde boven de limiet ligt, dient men een cardiovasculaire check-up te laten doen om zo eventuele andere risicofactoren op te sporen (suikerziekte, te hoog cholesterolgehalte in het bloed, hoge bloeddruk). Indien nodig kan een preventieve behandeling overwogen worden.

Artikel gepubliceerd door op 23/10/2007

Vindt u het artikel interessant?