• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    0 mening
  • Commentaren (0)

Strapping: de terugkeer van de mummie

Strapping: de terugkeer van de mummie Steeds meer atleten dragen elastische steunbanden om hun gewrichten te versterken. Sommigen pakken zelfs hun spieren in. Wat winnen ze daarbij?

Vandaag wordt vaak een methode toegepast die overgewaaid is uit Amerika: strapping (van het werkwoord "to strap", insnoeren, intapen). Daarbij worden steunbanden rond de huid gewikkeld. Oorspronkelijk had deze methode als doel de enkels van basketters te versterken, omdat die bijzonder kwetsbaar zijn voor verzwikkingen. Als de steunband goed het traject van de ligamenten volgt, kan ze daadwerkelijk de stevigheid bevorderen en zelfs gewrichtsproblemen compenseren. Biomechanische studies hebben aangetoond dat een geblesseerde maar op de juiste manier getapete enkel bijna even goed standhoudt als een gezond gewricht, waardoor een letsel sneller herstelt. Toch is deze methode niet zonder gevaren. Allereerst bestaat het risico dat de sporter te snel de training hervat. Een verzwikking is echter niet alleen een probleem van mechanische stabiliteit: er doet zich ook een heel proces voor van oedeemvorming en genezing. Wordt dit natuurlijke proces verstoord, dan treden enkele weken of zelfs maanden na de blessure complicaties op. Het gewricht wordt brozer en de ligamenten worden vezelig, waardoor ze hun elasticiteit verliezen en minder bestand zijn tegen spanningen. De getroffen zone blijft pijnlijk en gezwollen. Daarnaast worden sommige sporters echt afhankelijk van strapping. Bovendien verzwakt strapping, doordat het de gewrichtsbanden ontlast, het proprioceptiesysteem, d.w.z. de sensorimotorische controle van het organisme.. Elk gewricht is immers gevuld met kleine receptoren die de spanningen registreren en reflexmatig de spiercontracties sturen, zodat men stabiel kan afzetten. Als men systematisch zijn enkels intapet, verliest het gewricht geleidelijk dit zelfbeschermend vermogen, waardoor men uiteindelijk zijn voet dreigt om te slaan als men van het trottoir stapt.

Te gebruiken met mate

Een gewricht intapen mag niet zomaar gebeuren, en de huidige trend om dat wel te doen, is ronduit verontrustend. Sommige sporters tapen sinds kort zelfs hun spieren in vóór de inspanning, om verrekkingen te voorkomen. Dat is compleet zinloos, want de spiervezels staan bloot aan spanningen van honderden en zelfs duizenden kg. In die omstandigheden biedt een steunband niet de minste bescherming. Men kan evengoed de kabel van een kabelbaan herstellen met kleefpleister. Als er geen sprake is van een letsel, is strapping nutteloos, en als er wel een letsel is, is het gevaarlijk! Als het windsel te strak aangespannen is, werkt het als knevelverband. Zit het te los, dan zorgt het ervoor dat de spier verslapt. Is het te sterk gefixeerd, dan kan de inwendige bloeding niet resorberen, waardoor de wonde nog dreigt te verergeren. Onthou dit: een spierletsel geneest altijd uitstekend als men het gerust laat, en geneest vaak zeer slecht als men het probeert te verzorgen. De omvorming van de zogenaamde satellietcellen tot spiercellen, tijdens het genezingsproces, wordt heel makkelijk ontregeld. Warme en koude behandelingen of massages kunnen dan ook beter vermeden worden. De training moet geleidelijk hervat worden, en de sporter moet daarbij altijd rekening houden met de pijn. Tot slot nog dit: bandages veranderen daar niets aan! Volgens ons hebben deze spectaculaire strappings zelfs onbewust als doel iedereen - inclusief de atleet - erop te wijzen met hoeveel moed hij zijn blessure probeert te overwinnen. Een dergelijk staaltje van oorlogsheroïek heeft echter nog weinig te maken met sport!

Artikel gepubliceerd door op 22/04/2003

Vindt u het artikel interessant?
 

Meer weten