Pancreaskanker: het gevolg van een levenswijze?

Pancreaskanker: het gevolg van een levenswijze?

De risicofactoren voor pancreaskanker zijn nog altijd onvoldoende bekend, ook al weten we wel al dat de kanker met onze levenswijze te maken kan hebben. Toxische stoffen, maar ook onze voeding spelen daarin een belangrijke rol.

Pancreaskanker: wat zijn de risicofactoren?

Pancreaskanker is een relatief zeldzame kanker. In België  worden er jaarlijks 1150 nieuwe gevallen geregistreerd. De ziekte komt meer voor bij mannen dan bij vrouwen. Pancreaskanker is een van de dodelijkste kankers dier er zijn: het overlevingspercentage na vijf jaar ligt tussen 1 en 9 %. Het is dan ook een heel geduchte kanker.
De belangrijkste risicofactoren zijn roken en overmatig alcoholgebruik. Alcohol put de pancreas uit en kan leiden tot een acute pancreas- of alvleesklierontsteking, wat het risico op kanker nog vergroot.
Ook de voeding bepaalt mee het risico op pancreaskanker. Een rechtstreeks verband is er nauwelijks of niet - sommige studies suggereren wel dat te veel rood vlees, vooral als het gerookt of bewerkt is (charcuterie, worst, enz.), het risico vergroot. Maar het grootste probleem is een onevenwichtige voeding, omdat dit obesitas en diabetes kan veroorzaken en zo het indirecte risico op kanker doet toenemen. Er is namelijk een verband aangetoond tussen pancreaskanker en deze beide aandoeningen.

Maar ook ondanks deze elementen weten we nog maar weinig over de oorzaken van pancreaskanker. Op sommige daarvan - zoals leeftijd, geslacht en erfelijke belasting - hebben we helemaal geen vat.

 

Hoe kunt u pancreaskanker voorkomen?

Roken en overdadig alcoholgebruik zijn natuurlijk risico’s die u wel kunt vermijden. Alles wijst er ook op dat lichaamsbeweging, ongeacht uw gewicht, het risico sterk vermindert. Mensen met overgewicht hebben er dus alle belang bij om aan sport te gaan doen!

Er zijn ook levensmiddelen die een positief effect zouden hebben. Mensen met pancreaskanker hebben vaak een heel laag selenium- en lycopeengehalte in hun bloed. Dat doet vermoeden dat een voeding die veel van deze stoffen aanvoert een beschermend effect kan hebben. Voorlopig is dat wel nog niet bewezen.

Bijgewerkt door Marion Garteiser, gezondheidsjournaliste op 23/06/2015
Origineel artikel geschreven door op 26/09/2006

Bronnen: Xing-Hua Lu et al. World J Gastroenterol 2006 April 14; 12(14): 2229-2234 ; Larsson et al. Int J Cancer 2006; 118 : 2866-2870 ; Nkondjock A et al. J Nutr. 2005 Mar;135(3):592-7.

Vindt u het artikel interessant?