
Een vruchtbaarheidsonderzoek bestaat meestal uit verschillende onderzoeken. Hoeveel en welke onderzoeken er precies gedaan zullen worden, hangt natuurlijk af van de vraag hoe snel een eventuele oorzaak opgespoord kan worden.
De gynaecoloog zal in ieder geval een antwoord proberen te vinden op de vraag of je eisprongen hebt, of je partner voldoende bewegende zaadcellen heeft, en of de zaadcellen de eicel (op het juiste moment) kunnen bereiken.
Hij of zij zal eerst met de eenvoudigste en minst belastende onderzoeken beginnen. De arts zal in ieder geval de geslachtsorganen van jou en je partner bekijken (die van je partner uitwendig, die van jou in- en uitwendig) en letten op eventuele afwijkingen van organen, lichaamsbouw en beharing, omdat die kunnen wijzen op bepaalde hormoontekorten.
Afhankelijk van de resultaten, zal de gynaecoloog dan verder bekijken wat er moet gebeuren.
Zwanger worden is natuurlijk niet iets dat je kunt forceren. Er bestaan ook geen middeltjes die je vruchtbaarheid kunnen verhogen.
Maar je kunt je "trefkans" wel enigszins verhogen door de natuur een handje te helpen. Bijvoorbeeld door iedere ochtend je temperatuur op te nemen zodat je weet wanneer je ovuleert en je dus het meest vruchtbaar bent.
Het is ook belangrijk om de conditie van het sperma hoog te houden. Een dagelijkse zaadlozing zorgt voor uitputting van de voorraad, terwijl te lang "sparen" de kwaliteit van het sperma aantast. Om de twee tot drie dagen ejaculeren houdt het sperma in een prima conditie.
Tenslotte: door twee dagen voor de eisprong, op de dag zelf, en twee dagen na de eisprong te vrijen, verhoog je natuurlijk je kansen. Blijf na het vrijen altijd tien minuutjes liggen, zodat de zaadcellen voldoende tijd krijgen om hun werk te doen.
26/05/2003
Medica Press