
Het is natuurlijk nooit prettig als je dolgraag een kind wilt, maar niet zo snel zwanger wordt. Soms kun je zelfs zo door je kinderwens in beslag worden genomen, dat je bijna nergens anders meer aan denkt. En dat kan voor heel wat stress zorgen.
Maar ook de spanningen die bijvoorbeeld ontstaan door problemen op je werk of door een ruzie met een goede vriend, kunnen via je hormonen een negatieve invloed hebben.
Het is natuurlijk ook weer niet zo dat je niet zwanger zou kunnen raken als je met veel spanningen te maken hebt. Maar het is best verbazingwekkend dat bepaalde kinderloze paren die niet meer zo intens met hun (on)vruchtbaarheid bezig zijn, opeens toch een kind krijgen. Gewoon omdat ze hun aandacht verzetten, en niet meer dag en nacht met hun kinderwens bezig zijn. In hoeverre je gemoedstoestand precies invloed heeft op je vruchtbaarheid, zal ook van persoon tot persoon verschillen.
Door middel van een vruchtbaarheidsonderzoek kan bekeken worden of jij en je partner zonder problemen kinderen kunnen krijgen. Als uit dit onderzoek blijkt dat jullie verminderd of niet vruchtbaar zijn, kunnen daar verschillende oorzaken voor bestaan.
Die oorzaak kan bij jou liggen, maar de kans is even groot dat er iets bij je partner niet helemaal in orde is.