- Favorieten
-
Delen
Naar een vriend sturenNAAR EEN VRIEND STUREN close
Boodschap ter attentie van de internetbezoeker die zijn formulier invult
Intervaltraining voor sporters - Afprinten
Intervaltraining voor sporters
Bij interval training wordt de inspanning opgedeeld in fasen met een hoge intensiteit en rustfasen. In de jaren vijftig was de Tsjechische afstandsloper Emil Zatopek dé specialist van deze methode die wellicht bijdroeg tot zijn drie overwinningen op de Olympische Spelen van Helsinki in 1952: goud op de 5.000 meter, de 10.000 meter en de marathon.
Waarom het werkt
Vandaag is het opdelen van de inspanning de basisregel van een goede training. Het vergroot het globale oefenvolume met doelgerichte intensiteit wat op zijn beurt voor uitgesproken prestatieverbeteringen zorgt. Een voorbeeld. Een afstandsloper die de 10.000 meter loopt in 30 minuten kan elk van die kilometers afleggen in drie minuten. Dat is dan ook de ideale tijd bij het trainen. Maar de loper moet uitputting vermijden en kan niet op elke training tien kilometer lopen. Hij kan wel 1.000 meter lopen en daarna een rustfase inlassen om weer een kilometer af te leggen. Zo kan hij voldoen aan twee trainingsvereisten: lang lopen aan een hoge snelheid en genoeg energie overhouden om het hele trainingsprogramma af te werken. De vooruitgang die op die manier geboekt wordt is aanzienlijk.



