Overzichtspagina Gezondheid > Ziekten en aandoeningen > Hersenen, Zenuwen, Geheugen, Geestesgesteldheid, Slaap > Roken: wat u erover moet weten

Roken: wat u erover moet weten

Roken: wat u erover moet wetenHet roken van sigaretten, sigaren en pijp is een gewoonte die in de westerse wereld, vooral in de twintigste eeuw, een enorme vlucht heeft genomen.


Inleiding

Na een bijna vijftig jaar durende stijging van het gebruik van tabaksproducten is er in de jaren tachtig een geleidelijke maar nog langzame daling waargenomen. Ook in het begin van de jaren negentig heeft deze trend zich voortgezet. Thans is er weer een toename, vooral onder jongeren, merkbaar.

Roken is een groot probleem voor de volksgezondheid. Dat is inmiddels duidelijk geworden uit een stroom van onderzoeksgegevens waarin de oorzakelijke betekenis voor een aantal ziekten en doodsoorzaken is aangetoond.
De kennis van de biologische en medische gevolgen van roken, alsook om het roken van tabak te verminderen, is evenwel nog niet volmaakt.

Sinds de jaren vijftig is uit medisch onderzoek voortdurend duidelijker geworden dat roken gevaar oplevert voor de gezondheid; steeds meer ziekten blijken verband te houden of verergerd te worden door roken.

Ongeboren baby's kunnen schade ondervinden als de aanstaande moeder rookt, en steeds meer wordt ingezien dat tabaksrook een belangrijker vervuiler is. Er is zowel sprake van directe gevolgen als van ziekten en aandoeningen die ontstaan op de langere termijn.


Directe gevolgen van roken

De directe gevolgen worden veroorzaakt door de aanwezige nicotine en teerproducten. Nicotine wordt niet alleen door de longen opgenomen, maar ook door de slijmvliezen van de mond en komt zo terecht in het bloed. Nicotine bevat een kleine hoeveelheid zogenoemde catecholaminen, die de overdracht van zenuwprikkels enigszins afremmen en daardoor vermoeidheidsgevoelens onderdrukken.

Kleine hoeveelheden nicotine werken in het algemeen stimulerend en grote hoeveelheden remmend. De nicotine uit één sigaar is, wanneer ze in een ader wordt ingespoten, voldoende om een mens te doden.
Nicotine heeft ook invloed op de stemming en alertheid van de roker. Het schijnt dat de roker onbewust de neiging heeft zijn eigen hoeveelheid nicotine te reguleren door de wijze van inhaleren en dat hij leert hoe hij het roken kan gebruiken als middel tot optimale aanpassing aan zijn omgeving.

De vergiften koolmonoxide en cyanide die voorkomen in tabaksrook, kunnen hoofdpijn veroorzaken. De koolmonoxide wordt alleen door de longen opgenomen en de aanwezigheid van deze stof in het bloed wijst er dan ook op dat de roker de tabaksrook inhaleert.
Nicotine werkt in op de zenuwen en verlamt de cilia van de luchtwegen. Cilia zijn kleine trilhaartjes die het slijm verwijderen, waarin schadelijke stoffen worden opgevangen.

Wanneer deze trilhaartjes niet meer werken, blijft het slijm - en dus ook de schadelijke stoffen - in de luchtwegen.
Nicotine remt ook de werking van de fagocyten (ook wel eetcellen genoemd) af, die verantwoordelijk zijn voor de opname en de vernietiging van bacteriën en virussen die zich in de lucht bevinden; één sigaret stelt ze vijftien minuten buiten werking. De bloeddruk stijgt als gevolg van vernauwing van de bloedvaten, die wordt veroorzaakt door nicotine.

Ook de werking van het hart wordt door nicotine rechtstreeks beïnvloed. De hartslag wordt sneller, waardoor de energiereserve van het hart kleiner wordt. Hierdoor is men minder in staat tot het leveren van lichamelijke prestaties of inspanning.
De longen worden gevuld met een mengsel van lucht en tabaksrook, waaruit kleine hoeveelheden teer worden afgezet tegen de binnenkant van de longen, vooral tegen de kleine luchtpijpvertakkingen.

Het hongergevoel wordt afgeremd door de inwerking van nicotine op het autonoom zenuwstelsel, het gedeelte van het zenuwstelsel dat de werking van de onwillekeurige spieren regelt, inclusief de spiertjes van de spijsverteringsorganen. Wanneer de maag leeg is, kan men zich een beetje misselijk voelen, maar dit gaat snel weer voorbij.

De bloedvaten in handen en voeten vernauwen zich, wat de gehele bloedcirculatie nadelig beïnvloedt. Bepaalde chemische stoffen in tabaksrook, die men tot nu toe niet heeft kunnen identificeren, blijken bij te dragen aan een stijging van het cholesterolgehalte in het bloed.


Effecten op de langere termijn

Met inachtneming van het feit dat gegevens omtrent ziekten en doodsoorzaken als gevolg van roken altijd ontleend zijn aan statistisch onderzoek, dus geen gelijke geldigheid hebben voor elk individu, kan men op verantwoorde wijze voorspellen dat onder rokers de volgende ziekten of aandoeningen extra vaak optreden:

  • longkanker;

  • kanker van de stembanden;

  • kanker van de andere delen van de mond- en keelholte;

  • kanker van de urineblaas;

  • longemfyseem;

  • bronchitis en bronchitisachtige ziekten;

  • verschillende hart- en vaataandoeningen.

Voorts is gebleken dat tal van andere ziekten door het roken slechter kunnen genezen. Daartoe behoren maagzweren en zweren van de twaalfvingerige darm. Bekend geworden is voorts dat veel vrouwen die tijdens de zwangerschap roken, kinderen ter wereld brengen die een lager geboortegewicht hebben dan de kinderen van niet-rokende zwangere vrouwen.

Bij rokende aanstaande moeders treedt ook vaker vroeggeboorte op en rokende vrouwen brengen vaker een zwangerschap ten einde met een doodgeboren kind dan niet-rokers.

Tumorbevorderende werking
Het ontstaan van kwaadaardige nieuwvorming of kanker wordt vooral bepaald door de teerproducten. Dit wordt gedefinieerd als het rookcondensaat (na afscheiding van de gasfase) minus water en (of) nicotine. Uitgebreid chemisch onderzoek heeft uitgewezen dat er meer dan 3500 verschillende chemische stoffen in tabaksrook aanwezig zijn.

Al in de jaren twintig werd in ziekenhuizen in verschillende landen longkanker vaker waargenomen dan in de jaren daarvoor. Dit gegeven werd in verschillende landen vastgesteld. Daarbij bleef het niet en in de jaren dertig kon men er niet meer omheen. Bij mannen steeg het aantal patiënten met longkanker zo opvallend dat onderzoek naar de verklaring daarvoor toen al in verschillende landen op gang kwam.

Het was immers ook wel bijzonder: van de talrijke vormen van kanker (genoemd naar de plaats of het orgaan waar het kankergezwel tot ontwikkeling komt) onderscheidde kanker van de longen zich zowel door een relatief snelle toeneming van het aantal gevallen dat jaarlijks ontdekt werd, als door het feit dat de ziekte eigenlijk alleen bij mannen en aanvankelijk niet bij vrouwen toenam.

De diagnostiek - het vaststellen van de juiste ziekteoorzaak - is sedert de jaren twintig aanzienlijk verbeterd. In onze tijd zal longkanker dus vaker worden geconstateerd dan destijds.
Maar ook hier is van belang dat de stijging van de longkankerfrequentie bij vrouwen van recente datum is, omdat hieruit blijkt dat ook de verbeterde diagnostiek op zichzelf beschouwd de toeneming van het aantal patiënten met longkanker onvoldoende verklaart.

In de jaren vijftig en zestig werd door epidemiologisch onderzoek duidelijk dat er een verband bestaat tussen roken en kanker. In de jaren zeventig werden de technische mogelijkheden door langdurige inhalatieproeven met tabaksrook zo verbeterd dat er een duidelijk verband kon worden gelegd tussen het ontstaan van verschillende kankersoorten en de inademing van sigarettenrook.

Hart en bloedvaten
Wie rookt, maakt dat het hart extra wordt belast. Door de inwerking van nicotine en koolmonoxide wordt het zuurstofgehalte van het bloed acuut en voor geruime tijd verminderd.
Op langere termijn draagt roken bij aan de verdikking van de wanden van de bloedvaten, waardoor het transport van zuurstofhoudend bloed wordt bemoeilijkt, of zelfs geblokkeerd kan raken.

Waar dat toe kan leiden hangt af van de plaats waar in het lichaam de bloedtoevoer is afgesloten. Deze verdikking en vernauwing van slagaders, vooral van de kransslagader van het hart, zijn veelvoorkomende aandoeningen.
Zo'n verdikking ontstaat door een opeenhoping van vetachtige stoffen aan de binnenzijde van de vaatwanden Eatherosclerose). De vernauwde bloed-vaten laten steeds minder bloed door.

En op een gegeven moment kan een bloedpropje een vernauwd bloedvat volledig afsluiten, waardoor de zuurstoftoevoer geheel stopt. Ook bij dit proces, dat vele oorzaken heeft, spelen koolmonoxide, nicotine en mogelijk nog andere stoffen uit tabaksrook een belangrijke rol.
Voor een aantal aandoeningen van hart en bloedvaten is een samenhang met roken aangetoond.

Hartinfarct
Verdikking van de wand van de slagaders komt tweemaal zo vaak voor bij rokers als bij niet-rokers. Wie sigaretten of shag rookt, heeft tweemaal zoveel kans aan een hartaanval te overlijden als een niet-roker. Vrouwen lopen onder gelijke omstandigheden hetzelfde risico als mannen.

Pijn in de borststreek (angina pectoris)
Pijn of beklemming op of in de borststreek is een aandoening die optreedt als de hartspier niet genoeg zuurstof krijgt. Het hiervoor beschreven proces, waarbij nicotine het hart stimuleert en koolmonoxide de zuurstoftoevoer vermindert, kan de hoofdoorzaak zijn.

Beroerte
Er bestaat een onmiskenbaar verband tussen het roken van sigaretten of shag en het krijgen van een beroerte (hersenbloeding of herseninfarct). Het verband is het sterkst bij leeftijdsgroepen onder de 65 jaar.

Verminderde doorbloeding van armen en benen
Ook voor aandoeningen van bloedvaten die verder van het hart verwijderd liggen, is roken de belangrijkste risicofactor. De ziekte bestaat uit een vernauwing van de bloedvaten die bloed toevoeren naar de arm- en beenspieren. De doorbloeding van armen en benen kan er sterk door verminderen.

Ademhalingswegen
Rokers lijden aan ziekten van de ademhalingswegen. Het verband tussen roken en chronische hoest wordt in de volksmond wel uitgedrukt met de term 'rokershoest'.
Wie rookt, ademt een mengsel van schadelijke stoffen in. Vooral teer prikkelt de slijmvliezen, met als gevolg dat de daarin voorkomende slijmklieren extra grote hoeveelheden slijm gaan produceren.

Tegelijkertijd wordt de werking van de trilharen belemmerd, op een gegeven moment verdwijnen zelfs delen van het trilhaar. De schadelijke deeltjes en slijm worden dan niet meer automatisch afgevoerd. Chronisch hoesten is dan nodig om de vergrote hoeveelheid slijm met de ongerechtigheden te lozen.

Deze verschijnselen veroorzaken vooral schadelijke effecten indien de longen niet optimaal functioneren zoals bij astma, chronische bronchitis en longemfyseem. De meeste mensen die astma of emfyseem hebben, zullen het niet in hun hoofd halen om te roken. Als er íets prikkelend werkt op het slijmvlies van de luchtwegen, is het wel tabaksrook. Roken en astma-aanvallen hebben alles met elkaar gemeen.

Mond- en keelholte
De harde tanden en kiezen hebben van tabaksrook waarschijnlijk weinig te lijden, maar de zachte weefsels van de mond- en keelholte des te meer.
De duidelijkste veranderingen die aan de gebitselementen van roken kan worden vastgesteld, zijn bruin-zwarte verkleuringen, die overigens ook te constateren zijn bij mensen die dagelijks zeer veel zwarte koffie en/of thee nuttigen.

De voortdurende irritatie door de rookbestanddelen heeft dikwijls verhoorning van de oppervlakkige weefsellaag van wangen, lippen, de mondbodem en de tong tot gevolg.
çij zware rokers ontstaat vaak op het verhemelte de zogenoemde stomatitis nicotina, een aandoening waarbij de kleine slijmkliertjes in dit deel van de mond gaan zwellen, zodat een eigenaardige marmerachtige afwijking kan ontstaan.


Psychologische aspecten van roken

Waarom rookt men? Waarom rookt de een wel en de ander niet? Vroeger nam men aan dat daar maar één reden voor was en het onderzoek spitste zich toen toe op het verschil tussen rokers en niet-rokers. De teleurstellende uitkomst daarvan was dat er nauwelijks enig verschil viel aan te wijzen. Grofweg bleek dat rokers extraverter en rustelozer waren dan niet-rokers.

Rokers neigden meer naar de drank (het staat zeker vast dat de overgrote meerderheid van opgenomen alcoholisten tevens zware rokers zijn en uit laboratoriumonderzoek blijkt dan rokers vanzelf meer gaan roken als ze borrelen), zij trouwden en scheidden meer, verhuisden meer, veranderden meer van baan en lagen langer in ziekenhuizen.

Dan zou men ook psychologische verschillen tussen beide groepen verwachten. De doorsneeroker loopt ongeveer twee uur per dag met een aangestoken sigaret rond, waarvan hij ongeveer acht minuten gebruikt om te inhaleren. Elk trekje komt neer op 100 microgram nicotine, dat als het ware wordt ingespoten met een naald.

Het is namelijk de hoge snelheid waarmee nicotine wordt opgenomen en het onmiddellijke effect ervan dat de zware roker zo verslaafd maakt aan zijn sigaretten.
En omdat mensen die meer dan tien sigaretten per dag roken, daarmee een nogal blijvend, vast verdovingspeil aanhouden, zou men bepaalde verschillen in hersenfunctie verwachten. Dit is inderdaad het geval gebleken.

Het electro-encefalogram (de registratie van elektrische verschijnselen, die een reflectie zijn van de werking van zenuwcellen in de hersenen) vertoont verschillen tussen rokers en niet-rokers.
Bij de zware roker vindt men doorgaans veel hoogfrequente activiteit in de hersenen en heel weinig alfa-activiteit (het hersencorrelaat van ontspanning) en zo heeft de zware roker er ook moeite mee een alfa-ritme te produceren door middel van technieken van meditatie.

Als een roker 24 uur lang niet kan roken, kan dat leiden tot een opvallende toename van de laagfrequente hersengolven, maar dit gaat dan wel gepaard met een mengeling van slaperigheid, rusteloosheid en een algeheel gevoel van zich niet lekker voelen.

Advies
Stoppen met roken

Als gezonder leven u bezighoudt
Hoeveel mensen zijn er niet die zich, terwijl ze niet ziek zijn, toch niet lekker voelen? Misschien dat u zelf ook wel eens het idee hebt dat u de laatste tijd aan fitheid ingeboet hebt.
Dat uw conditie niet meer is wat zij geweest is. Daar kun je niet altijd iets aan doen. Maar dat de meeste mensen minder te klagen zouden hebben als ze wat gezonder leefden, dat is iets wat zeker is. Roken is een van de dingen die bijzonder ongezond zijn.

Er zijn nogal wat redenen om met roken te stoppen
De schadelijkheid voor de gezondheid is er een van. De meeste mensen weten echter niet half hoe ongezond roken is. O zeker, het is iedereen bekend dat er een 'verband' is tussen roken en longkanker.
Maar van de schadelijke gevolgen voor hart en bloedvaten (hartinfarct), om maar eens een ander beeld te noemen, zijn maar weinig rokers op de hoogte.

U doet er goed aan uw 'feitenkennis' op dit punt op te vijzelen. Hoe beter u de risico's kent, hoe gemakkelijker het wordt om te stoppen.
Behalve de zorg voor uw gezondheid kunnen er natuurlijk ook andere redenen zijn:
Te denken valt bijvoorbeeld aan:

- hinder of problemen in de sociale omgang ten gevolge van uw roken (bij collega's, partner of huisgenoten);
- zorg voor een goede conditie in verband met sportbeoefening;
- niet afhankelijk willen zijn van een genotmiddel.

Verzamel de redenen die voor u belangrijk zijn en schrijf ze op; u zult ze nog nodig hebben. Wat vooral belangrijk is: schrijf die redenen op een positieve manier op, bedenk wat u voor niet-roken terugkrijgt. Ga er niet van uit dat roken een (onoverkomelijk) gemis wordt.

Wat moet ik doen, ineens stoppen of langzaam verminderen?
We gaan ervan uit dat u helemaal wilt stoppen met roken. Dat betekent dus dat u op een gegeven moment niet meer (nooit meer) rookt. Dat moment komt vanaf vandaag steeds dichterbij. We gaan er ook van uit dat dit een weloverwogen beslissing van u is. U laat een dergelijke beslissing toch niet willens en wetens mislukken.

Onderzoek heeft aangetoond dat in één keer stoppen met roken voor de meeste mensen de beste methode is. De kans dat u halverwege uw stop weer opnieuw begint is dan heel klein. Daarom het advies: stoppen, doe het radicaal.
Zoals gezegd, binnenkort is het zover; waarom langer uitstellen? U stelt uzelf nodeloos op de proef wanneer u uw dagelijkse dosis sigaretten met dit doel gaat verlagen.
En vooral blijft verlagen, want een paar minder is voor de meeste rokers niet zo'n punt, maar doorlopend blijven verminderen kost veel moeite.

Het gevaar is groot dat u na korte tijd over onvoldoende wilskracht beschikt om nog door te zetten en uzelf voor de gek houdt met het idee dat wat u nu nog rookt niet meer zoveel kwaad kan. Zodra u dat denkt, behoort u eigenlijk weer tot de rokers die 'best weten dat het ongezond is', maar die intussen blijven doorroken. U gaat weer 'terug naar AF!' en moet helemaal opnieuw beginnen. In één keer stoppen wordt door 80 procent van de ondervraagde 'stoppers' als succesvolle methode genoemd.

Het actieplan
Maak een afspraak met anderen en met uzelf. Bepaal van tevoren wanneer u stopt met roken en plan die datum ongeveer een week vooruit zodat u zich goed kunt voorbereiden. Doe het zo mogelijk samen met iemand die u overdag ook kunt bereiken, u hebt elkaars steun zeker nodig!

Voor sommigen is het een goede stok achter de deur om iedereen van het grote gebeuren op de hoogte te stellen. Behalve dat collega's en familieleden u in zo'n geval scherp in de gaten houden, zijn zij wellicht ook wat voorzichtiger met situaties die u mogelijk in verleiding brengen. Benut deze mogelijkheid als die u kan helpen.

Bestudeer uw rookgewoonten
Voor u stopt is het goed om uw eigen rookgedrag te onderzoeken. U rookt in bepaalde situaties, het is voor u belangrijk om die situaties te kennen zodat u maatregelen kunt nemen om de verleiding niet te groot te laten worden.
Een aantal mogelijkheden:

- u rookt omdat u het echt lekker vindt; bij voor u prettige situaties hoort een sigaret, bijvoorbeeld na de maaltijd, op een leuk feest, bij voldoening over werk of hobby.
- u rookt om uw spanningen af te voeren. Het is opvallend hoeveel mensen onder spanning en bij opwinding naar een sigaret grijpen.
- u rookt uit gewoonte. Zo kunt u bij bepaalde handelingen roken (telefoneren, tv-kijken). Maar het is net zo goed mogelijk dat u uit gewoonte de hele dag door rookt.

Het kan u zeker helpen om in de week vóór u stopt uw sigarettengebruik te noteren. Probeer voor u uw sigaret opsteekt op te schrijven waarom u dat doet. Na een paar dagen hebt u uw persoonlijke rookgewoonte en daarmee de 'valkuilen' voor later blootgelegd.

De dag dat u stopt
Zo mogelijk hebt u voor de grote dag uw dagindeling veranderd. Zorg dat u uit uw gewone (rook-) doen bent. Veel mensen stoppen succesvol in de vakantie, ook het weekend is een goede mogelijk@eid. Draag uw nieuwe gewoonte uit. Vanaf nu bent u NIET-ROKER.
Denk niet: 'Ik zal eens proberen met roken te stoppen', maar zeg: 'Ik rook niet meer, vind je het erg om de andere kant op te blazen?' Breek uit de dagelijkse sfeer om minder in de verleiding te komen.

De inwendige mens
Verander gedurende de eerste week ook uw eet- en drinkgewoonten. Zij kunnen een valkuil voor u zijn, omdat veel van deze gewoonten ook met roken te maken hebben. Met het risico dat u denkt dat u nu meteen helemaal niet meer mag, geven we u hierbij een aantal tips voor de volgende dagen. En als u die allemaal ineens wel wat erg gezond vindt, dan hebt u volkomen gelijk.

  • Koffie drinken kan uw verlangen naar tabak versterken. Vermijd dit de eerste dagen. Drink veel water, 6 tot 8 glazen per dag, begin daar 's morgens bij het opstaan al mee.

  • Alcohol is, evenals koffie, gekoppeld aan sigaretten roken, het verslapt bovendien uw sterke wil, drink dus de eerste dagen geen alcoholische dranken.

  • Gekruid eten en zware maaltijden versterken eveneens uw trek in een sigaret. De eerste weken dus minder zwaar eten, de eerste dag zelfs alleen fruit en vruchtensappen.

  • Zorg voor voldoende ontspanning. Denk aan uw nachtrust. Neem 's morgens en 's avonds een bad of douche, dat stimuleert uw bloedsomloop.

  • Blijf in beweging, maak een korte wandeling, na het eten of voor het slapen gaan, fiets of loop naar uw werk. U bent begonnen aan een gezonder leven, daar hoort bewegen ook bij.

  • Uw sigaretten of shag

Deze kunt u welbeschouwd het beste thuis laten of opbergen, of liever nog, helemaal weggooien. Toegegeven, het is een groots gevoel om de hele dag met een pakje op zak te lopen zonder er een op te steken. Als u zeker weet dat u dat kunt, ga dan gerust uw gang.
Maar u bent gewaarschuwd, een ongeluk zit in een klein hoekje en wanneer u dan uw rookwaar zo voor het grijpen hebt is het de vraag of u de verleiding kunt weerstaan. Wees in gezelschap waakzaam voor 'krijgertjes'.

Tips als ruggensteun voor de eerste week
Zelfs wanneer u zich voor de volle 100 procent inzet zal op een gegeven moment toch de schijnbaar onweerstaanbare drang bovenkomen een sigaret op te steken. Wellicht hebt u dan wat aan het volgende.

  • Bedenk dat het moment van echt hevige trek in een sigaret weer heel snel verdwijnt.

  • Zorg dat u iets te doen hebt voor zowel uw mond als uw handen.

  • Bel elkaar over en weer op als u samen met iemand anders gestopt bent.

  • Vermijd de rokerige lunchpauze in de kantine, ga liever een wandeling maken.

  • Bedenk dat u voorgoed van het roken af wilt, ga uw motieven daarvoor nog eens na, wellicht kunt u er al iets positiefs aan toevoegen. Hoe is het met uw rokershoestje en loopt u alweer moeiteloos naar de zesde verdieping?


Er zijn veel positieve veranderingen die vrijwel door iedere ex-roker worden opgemerkt:

  • een verlaging van de hartslag en een daling van de bloeddruk;

  • de ademhaling verbetert, de zuurstofopname neemt dan ook vrijwel direct toe;

  • de handen en voeten zullen warmer gaan aanvoelen; door de afwezigheid van nicotine verbetert de doorbloeding;

  • stoppers krijgen een frissere smaak en reuk en de reuk- en smaakervaringen worden sterker; 'u proeft beter';

  • de lichamelijke conditie verbetert enorm;

  • uw rokershoest zal binnen een maand verdwenen zijn;

U bezorgt niet-rokers geen overlast meer.
Wanneer u nu toch een keer door de knieën bent gegaan, moet u dat vooral niet aangrijpen als reden om er nu meteen de brui aan te geven. Alle begin is moeilijk. U hebt eens leren roken, u kunt ook leren er vanaf te komen.

Trakteer uzelf na een moeilijke dag eens op iets aardigs (door niet-roken bespaart u geld), maar pas op met situaties die u tot roken kunnen verleiden. Een enkele keer gebeurt het dat rokers in uw omgeving er aardigheid in hebben om u te testen en u een pakje onder uw neus houden.

Zeg deze mensen direct wat u van hen denkt. Dat lucht lekker op, dit soort grapjes kunt u nu missen als kiespijn. Wanneer u deze eerste week zonder kleerscheuren bent doorgekomen, bent u al een heel eind. Nu nog volhouden. Vaak gebeurt het dat ex-rokers na lange tijd toch weer opnieuw beginnen. Soms zelfs nog na een aantal jaren.

Dikwijls als zij het roken al helemaal uit hun dagelijkse doen en laten hadden verbannen. Dan plotseling was daar de situatie waarin zij dachten dat zo af en toe een sigaret echt geen kwaad kon. Het is triest, maar in de meeste gevallen betekent dit datªde ex-roker dan al snel weer op zijn oude dagelijkse hoeveelheid sigaretten zit en evenveel, zo niet meer, moeite moet doen om er de volgende keer weer vanaf te komen.

Realiseer u goed dat u jarenlang roken als een doodnormale zaak hebt beschouwd, u hebt er zeker ook genoegen aan beleefd en nu hebt u zich de moeite getroost om daar vanaf te komen. Dat is dan gelukt, maar de kans is zeer groot dat u in uw eigen valkuil tuimelt wanneer u nu denkt dat u inmiddels ongevoelig voor sigaretten bent geworden.
Sterk u daarom in het idee dat u niet meer rookt, en beschouw het niet als een gemis.



11/04/2003
Medica Press


Pub

Verzekeringsruimte

Pub