Overzichtspagina Gezondheid > Ziekten en aandoeningen > Hersenen, Zenuwen, Geheugen, Geestesgesteldheid, Slaap > Hersenaanhangsel

Hersenaanhangsel

HersenaanhangselHet hersenaanhangsel of de hypofyse is gelegen in een uitholling van de schedelbasis en met een steel verbonden met de tussenhersenen.


Inleiding

Het hersenaanhangsel of de hypofyse is gelegen in een uitholling van de schedelbasis en met een steel verbonden met de tussenhersenen. Alle andere klieren met inwendige afscheiding in het lichaam en daarnaast vele organen worden bij hun werking door hormonen van het hersenaanhangsel beïnvloed. Men spreekt ook wel van een besturing van de klieren door het hersenaanhangsel.

Het hersenaanhangsel is een boonvormig orgaantje, één tot anderhalve centimeter breed, voor-achterwaarts circa een centimeter en een halve tot een centimeter hoog. Het hersenaanhangsel ligt in de ruimte die gevormd wordt door het zogeheten Turkse zadel (sella turcica) van het wiggebeen van de schedelbasis.

Het hersenaanhangsel wordt aan de bovenzijde beschermd door een dubbelblad van het harde hersenvlies, waardoorheen de steel van het hersenaanhangsel dringt die de tussenhersenen verbindt met de eigenlijke klier.

Het orgaan is opgebouwd uit drie kwabben:
- de voorkwab (adenohypofyse);

- de middenkwab, slechts bestaande uit een dun laagje cellen;

- achterkwab (neurohypofyse).

De voorkwab en de middenkwab worden niet direct beïnvloed door zenuwvezels maar door stoffen (zogenaamde releasing factors) die in de erboven liggende tussenhersenen (hypothalamus) worden gemaakt.

Naar de achterkwab lopen vanuit een tweetal kernen in de tussenhersenen zenuwvezels die hun producten rechtstreeks aan de bloedvaten aldaar afgeven. De middenkwab produceert slechts het melanoforenhormoon dat een rol speelt bij de pigmentvorming in, onder andere, de huid. De voorkwab en de achterkwab maken samen een tiental hormonen die van grote betekenis zijn voor de werking van andere klieren en vele orgaanstelsels en weefsels.


De voorkwab

De voorkwab vormt zich tijdens de ontwikkeling van de foetus uit een uitstulping van het weefsel van de mond en bestaat uit dicht opeengepakte kliercellen met daartussen bloedvaten. Een deel van de tussenhersenen regelt de afgifte van hormonen door de voorkwab van de hypofyse. In de tussenhersenen worden door zenuwcellen een aantal stoffen geproduceerd (de reeds genoemde releasing factors) die aan een bloedvatennetwerk rond de steel van het hersenaanhangsel worden afgegeven.

Dit is een bijzonder bloedvatenstelsel, een zogeheten poortaderstelsel, dat één geheel vormt met de bloedvaten van de voorkwab, waardoor de genoemde stoffen via een zeer korte weg de voorkwab bereiken.

Elk van die stoffen zet een bepaald type kliercel aan tot de productie van een specifiek hormoon. Deze specifieke hormonen hebben dus de eigenschap uitsluitend andere klieren met inwendige afscheiding in het lichaam tot activiteit aan te zetten; men spreekt in dit verband wel van glandotrope hormonen (glandula = klier; trophos = voeden).

Zo zijn er bijvoorbeeld gonadotrope hormonen die de geslachtsklieren of gonaden activeren, het thyreotrope hormoon dat de schildklier activeert of stimuleert en het adrenocorticotrope hormoon (ACTH) dat een regulerende en stimulerende invloed uitoefent op de schors van de bijnieren. Ook andere endocriene klieren in het lichaam worden door het hersenaanhangsel geactiveerd.

De man en de vrouw produceren elk twee gonadotrope hormonen. Bij de vrouw hebben het follikel-stimulerende hormoon (FSH) en het luteïniserend hormoon (LH) invloed op de ontwikkeling van de eicel en de aanmaak van geslachtshormonen in de eierstokken, en bij de man komen gelijksoortige hormonen voor die de aanmaak van zaadcellen en de productie van geslachtshormonen regelen. De aanwezigheid van het thyreotrope hormoon in het bloed is bepalend voor de werking van de schildklier, hetgeen indirect van invlo¥d is op de door de schildklier gecontroleerde productie en ontwikkeling. Stoornissen in dit systeem leiden tot groeiproblemen, zoals abnormale groei en dwerggroei.

Een ander belangrijk hormoon van de adenohypofyse is het groeihormoon. Dit hormoon bevordert op jeugdige leeftijd de groei maar speelt na beëindiging van de lengtegroeiperiode nog een wezenlijke rol bij de regulatie van allerlei fysiologische processen.

Zeker vermeldenswaardig is verder het 'zoog'- of lactatiehormoon (prolactine), dat door het hersenaanhangsel wordt afgescheiden en dat in samen- of wisselwerking met het groeihormoon speciaal op vrouwelijke individuen stimulerend werkt, als lichamelijke uiting waarvan de melkklieren tot de uitscheiding van moedermelk worden aangezet, maar vooral in algemene zin het moederschapsinstinct in werking komt of zich sterker ontwikkelt, hetgeen een voorwaarde is voor de verzorging van het nakomelingschap.





De achterkwab

De achterkwab van het hersenaanhangsel, die voornamelijk uit zenuwweefsel bestaat, ontvangt zijn hormonen van zenuwcellen die in een tweetal kerngebieden in de tussenhersenen zijn gelegen.

De producten van deze kerngebieden worden via de zenuwvezels die deel uitmaken van de steel van het hersenaanhangsel, in de achterkwab afgegeven. Dit proces wordt neurosecretie genoemd: de secretie of afscheiding van neuronale of zenuwproducten.

Aan de bloedvaten in de achterkwab worden door de zenuwvezels twee hormonen afgegeven: oxytocine en het antidiuretisch hormoon (ADH). Oxytocine stimuleert voornamelijk de contractie of samentrekking van de baarmoederspier. Het wordt in grote hoeveelheden aangemaakt tijdens de zwangerschap en wel vooral aan het einde daarvan, teneinde de baring op gang te helpen.

Het antidiuretisch hormoon (ADH) vergroot de opname van water uit de nierbuisjes, waardoor de urine wordt ingedikt alvorens de nier te verlaten (ADH wordt dan ook wel het terugresorptiehormoon genoemd). Hierdoor wordt voorkomen dat via de nier te veel water zou worden uitgescheiden.

Het afnemen van de normale hoeveelheid van dit hormoon in de bloedsomloop van de mens heeft een overmatige vochtuitscheiding (urinelozing) tot gevolg naast een vrijwel onlesbare dorst. Het terugresorptiehormoon doet echter onder andere ook de spieren van het bloedvatenstelsel samentrekken.


De middenkwab

Het pigmenthormoon (melanoforenhormoon) wordt in de middenkwab geproduceerd. Deze stof heeft bij dieren duidelijk aanwijsbare betekenis, die echter voor de mens niet eenvoudig aantoonbaar is.

Het hormoon heeft een invloed op de productie en afgifte van melanine, dat geproduceerd wordt in melanocyten, vooral in de huid, maar ook in het regenboogvlies.

De stof komt in hoge concentratie voor in de urine van zwangere vrouwen en de aanwezigheid werd vroeger aangetoond met behulp van de zgn. kikkerproef, een thans verouderde zwangerschapsproef.



27/03/2003
Medica Press


Pub

Verzekeringsruimte

Pub