In-vitrofertilisatie (IVF): wat zijn de mogelijke risico’s?

Gepubliceerd door Isabelle Eustache, gezondheidsjournaliste op 17/03/2014 - 13h20
-A +A

Er is veel vooruitgang geboekt in de technieken van medisch begeleide voortplanting.

Koppels die kandidaat zijn voor in-vitrofertilisatie (IVF) krijgen vooraf uitleg over de technieken en de verwachte slaagkansen, maar ook de mogelijke risico’s moeten aan bod komen.

PUB

IVF: twee methodes

Er bestaan twee vormen van in-vitrofertilisatie (IVF):

  • Gewone in-vitrofertilisatie. Eerst worden een eicel en spermatozoïden in een proefbuis verenigd.
    Het verkregen eitje wordt dan in de baarmoeder ingebracht. Dit noemen we intra-uteriene inseminatie.
  • IVF met intracytoplasmatische sperma-Injectie (ICSI): de zaadcel wordt rechtstreeks in de eicel geïnjecteerd.

Bij beide methodes is vooraf een hormoonbehandeling nodig om de eileider te stimuleren en zo meerdere (vroeger vijf tot tien) eicellen tegelijkertijd te laten uitrijpen. Daarna volgt een tweede hormoonbehandeling om de eisprong op gang te brengen.

 

Wat zijn de risico’s van in-vitrofertilisatie?

1. Risico’s die te maken hebben met de stimulatie van de eierstokken

De belangrijkste risico’s van IVF hebben met de hormoonbehandelingen te maken die gebruikt worden voor de stimulatie van de eierstokken.

Enkele mogelijke bijwerkingen:

  • gevoel van zware benen,
  • druk of pijn in de onderbuik,
  • stemmingswisselingen,
  • kleine gewichtstoename,
  • spijsverteringsproblemen,
  • gezwollen buik,
  • moeite met ademhalen

Deze behandelingen kunnen ook leiden tot hyperstimulatie van de eierstokken (de behandeling maakt een te groot aantal follikels vrij). Dit syndroom wordt gekenmerkt door zwelling van de eileiders, een risico op flebitis (veneuze of arteriële vasculaire accidenten) en torsie van de adnexa (draaiing van de eileider).

Goed om te weten: stimulatie van de eierstokken wordt afgeraden bij een voorgeschiedenis van cerebrovasculaire accidenten (CVA), kanker of ernstige stollingsproblemen.

 

2. Meerlingzwangerschappen

De voorbije jaren is het aantal ingeplante embryo’s gedaald. Vandaag worden vaak nog maar hooguit twee embryo’s ingeplant bij elke cyclus. De niet teruggeplaatste embryo’s kunnen worden ingevroren en men gaat ook over tot embryoreductie, dat wil zeggen dat het aantal in de baarmoeder ingenestelde embryo’s wordt teruggebracht van drie tot twee.

De risico’s op een drielingzwangerschap zijn daardoor aanzienlijk gedaald. Ook het aantal tweelingzwangerschappen is gedaald. In vijf jaar tijd was er een daling van 26,4 % naar 22,4 %.

Vooral drielingzwangerschappen (3,5 %) vergroten het risico op prematuurtjes, op hypotrofie (ondervoeding) van de foetus en op psychische en socio-economische gevolgen.

Anders dan algemeen wordt gedacht, geeft IVF niet meer miskramen dan de doorsnee zwangerschap.

 

3. Voortijdige bevalling en keizersnede

Bij zwangerschappen via IVF is er een lichtjes verhoogde stijging van het aantal keizersneden en vroegtijdige bevallingen vastgesteld. Dat komt omdat er vaker meerlingzwangerschappen zijn.

 

4. Buitenbaarmoederlijke zwangerschap

Ongeveer 5 % van de zwangerschappen na IVF zijn buitenbaarmoederlijke zwangerschappen. Meestal nestelt het eitje zich op de eileider. Deze buitenbaarmoederlijke zwangerschappen moeten onderbroken worden. Bij een zwangerschap in de eileider is er een spoedingreep nodig.

 

5. Morfologische en chromosomale afwijkingen

Alleen bij IVF met ICSI is er een groter risico op misvormingen en chromosomale afwijkingen bij het embryo en de pasgeboren baby. Dat risico is evenwel laag en zou net zo goed te wijten kunnen zijn aan de aard van onvruchtbaarheid van het koppel.

Uit voorzorg worden daarom vooraf altijd erfelijkheidtests (karyotype of afbeelding van de chromosomen) en/of onderzoeken voor prenatale diagnose (amniocentese of vruchtwaterpunctie) uitgevoerd. Dan pas kan het programma van medisch begeleide voortplanting eventueel worden opgestart.

 

6. Eierstokkanker

IVF zou het risico op eierstokkanker kunnen verhogen door de hormoonbehandelingen die worden gebruikt voor de stimulatie van de eileider (gebruik van clomifeencitraat, gonadotrofines) (1). In afwachting dat dit risico bevestigd wordt, is preventieve en regelmatige controle nodig.

 

7. Andere risico’s van IVF

  • Risico’s verbonden aan de algemene verdoving: die zijn identiek aan de risico’s die eigen zijn aan elk ander type van ingreep.
  • Risico’s van de punctie: die kan infecties of bloedingen veroorzaken, maar dat gebeurt heel zelden.

Ook de psychologische gevolgen moeten besproken worden.
Onvruchtbare koppels gaan door een lang en vaak moeizaam proces. Hun grootste wens is om een kindje op de wereld te zetten, terwijl de uitkomst niet zeker is. De impact hiervan is zeker ook niet te onderschatten.

Gepubliceerd door Isabelle Eustache, gezondheidsjournaliste op 17/03/2014 - 13h20

http://www.fecondationinvitro.com/. (1) Impicciatore GG, et al., Curr Drug Saf. 2011 Sep 1;6(4):250-8. Fondation pour la recherche médicale, http://www.frm.org/. Agence nationale de la biomédecine, http://www.agence-biomedecine.fr.

Bekijk dit artikel
Vous devez être connecté à votre compte E-Santé afin de laisser un commentaire
PUB
Lees ook
Stress, IVF en zwangerschap: een driehoeksverhouding Gepubliceerd op 04/03/2014 - 14h39

Er komt veel stress kijken bij de processen van medisch begeleide voortplanting. IVF vormt daar geen uitzondering op. Welke impact heeft stress op het succes van deze behandelingen? De wetenschap staat niet stil.

Proefbuisbaby: toch enkele risico's Geüpdatet op 01/04/2002 - 00h00

Volgens een Amerikaanse en een Australische studie zou medisch geassisteerde bevruchting toch niet zonder risico zijn voor de toekomst van de kinderen. Proefbuisbaby's zouden tweemaal meer risico lopen op een laag geboortegewicht of aangeboren misvor...

Meer artikels