Iets later beginnen praten: het is geen ramp…
Nogal wat kinderen hebben taalachterstand en dat kan verontrustend zijn. Maar uit een nieuwe studie blijkt dat als het fenomeen niet gepaard gaat met andere symptomen, het op latere leeftijd geen gevolgen heeft voor het kind.
- Wat is taalachterstand?
- Heeft de taalachterstand te maken met emotionele of gedragsproblemen?
- Taalachterstand is geen reden tot paniek voor ouders
Wat is taalachterstand?
De onderzoekers hebben zich voor het onderzoek gebaseerd op internationale waardeschalen die de taalontwikkeling meten. Van alle onderzochte kinderen zou de 15% met de slechtste score het etiket taalachterstand krijgen. Om die score te krijgen, vroegen de onderzoekers de ouders gewoon om in een hen voorgelegde lijst het aantal woorden aan te kruisen dat hun kind spontaan gebruikt, ook al sprak het dat nog niet volledig juist uit.
Heeft de taalachterstand te maken met emotionele of gedragsproblemen?
Als een kind op zijn tweede minder of minder goed praat, is de taalachterstand duidelijk gelinkt aan emotionele en gedragsproblemen. Dat kan gaan van extreme bedeesdheid, over angsten van allerlei soort en gehoorzaamheidsproblemen, tot conflicten met zijn omgeving. Een Australisch team wou nagaan of deze stoornissen met de jaren en de ontwikkeling van het kind verdwenen. Ze volgden daarvoor een groep kinderen vanaf hun geboorte tot hun 17e. De resultaten van het onderzoek zijn bemoedigend. Taalachterstand veroorzaakt geen gedragsproblemen na het tweede levensjaar. Wel werd vastgesteld dat bepaalde factoren (zwak socio-economisch of scholingsniveau van de ouders, alcoholgebruik of roken tijdens de zwangerschap, enz.) die het risico op taalachterstand vergroten, ook het risico op gedragsproblemen doen stijgen.








