• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    0 mening
  • Raadplegingen (550)
  • Commentaren (0)

Gezichtsstoornissen: opsporen vóór de leeftijd van 3 jaar

Gezichtsstoornissen: opsporen vóór de leeftijd van 3 jaar
Visusafwijkingen (of gezichtsstoornissen) bij kinderen moeten zeer vroeg worden opgespoord. Er bestaat een zgn. “gevoelige” sleutelperiode tijdens dewelke de behandeling de beste resultaten geeft.

De experts van het INSERM (Institut National pour la Santé et la Recherche Médicale), auteurs van een werk over gezichtsstoornissen bij kinderen, herinneren eraan dat er een periode bestaat tijdens dewelke de behandeling van visusafwijkingen de beste resultaten oplevert omdat het visussysteem dan bijzonder gevoelig is. Deze periode loopt van de leeftijd van 6 maanden tot de leeftijd van 5-7 jaar, met een maximale gevoeligheid tussen 6 en 18 maanden. Gezichtsafwijkingen moeten dan ook zo snel mogelijk worden opgespoord. Op die leeftijd kunnen bijv. myopie (bijziendheid), astigmatisme (beeldvervorming) en hypermetropie (verziendheid) volledig worden behandeld. Correctie van strabisme (scheelzien) geeft betere resultaten. In geval van glaucoom (oogaandoening die gepaard gaat met een verhoogde druk in het oog) of cataract (staar) is er minder kans op blindheid. In geval van een retinoblastoom (kwaadaardig glioom [gezwel van bepaalde cellen] van het netvlies) kan het leven van het kind worden gered.

Zeer zware gevolgen

Zonder behandeling hebben gezichtsafwijkingen bij kinderen ernstige en soms levenslange gevolgen. Ongeacht of het een zware of een lichte “afwijking” betreft, een visuele handicap kan de ontwikkeling van het kind vertragen en beïnvloeden: stoornissen van de visuele controle van de bewegingen van de handen rond de leeftijd van 4 maanden, van de duim-wijsvinger-oppositie op 6 maanden, van rechtstaan op 11 maanden en van stappen op 12-24 maanden. Later kunnen problemen rijzen op school, met name bij het leren lezen en schrijven.Volgens een studie uitgevoerd bij meer dan 30.000 kinderen op de lagere school, vertoont één kind op 6 gezichtsafwijkingen (bijziendheid of myopie, verziendheid of hypermetropie, scheelzien of strabisme, stoornissen van het binoculaire [of beide ogen] zicht...). Een vroege opsporing blijft essentieel!

Artikel gepubliceerd door op 20/08/2002

Bronnen: Collectieve expertise van het INSERM (Institut National pour la Santé et la Recherche Médicale), Les déficits visuels: dépistage et prise en charge chez le jeune enfant; persdossier, Parijs, 26 juni 2002.

Vindt u het artikel interessant?
 
spreek mee op E-gezondheid
Preview

*Verplicht in te vullen om een reactie te versturen

Gegevensbescherming

Pub

Uw interactief gedeelte over gezondheid-van-het-kind

Neem deel aan de meest actieve discussies