- Favorieten
-
Delen
Naar een vriend sturenNAAR EEN VRIEND STUREN close
Boodschap ter attentie van de internetbezoeker die zijn formulier invult
Geslachtshormonen hebben geen invloed op prostaatkanker - Afprinten
Geslachtshormonen hebben geen invloed op prostaatkanker
- Een vrij frequente, maar nog altijd raadselachtige kanker
- Waarom de geslachtshormonen?
- Nog altijd geen overtuigend preventiemiddel
Een vrij frequente, maar nog altijd raadselachtige kanker
42% van de mannen boven de 50 krijgt prostaatkanker tussen het 50ste en 75ste levensjaar. Gelukkig heeft de aandoening meestal geen dodelijke afloop, omdat deze kanker heel traag evolueert. In de andere gevallen daarentegen staan de artsen vaak machteloos. Deze relatieve onmacht van de curatieve geneeskunde is des te meer frustrerend omdat er tot op heden geen enkel overtuigend element van preventie is gevonden. En met deze studie moet opnieuw een potentiële oorzaak worden uitgesloten: het gehalte aan geslachtshormonen (mannelijke en vrouwelijke) in het bloed hangt op geen enkele manier samen met het verhoogde risico op prostaatkanker.
Waarom de geslachtshormonen?
Wetenschappers vermoedden dat de geslachtshormonen een rol spelen in de ontwikkeling van prostaatkanker, omdat testosteron (het mannelijke geslachtshormoon) een sleutelrol speelt in de ontwikkeling van de prostaat. Het onderdrukken van het testosteron bij mannen met prostaatkanker blijkt bovendien een efficiënte behandeling te zijn. Maar volgens een metastudie die de resultaten van 18 eerdere onderzoeken onderzocht, zou er geen verband zijn tussen een hoger gehalte aan geslachtshormonen en het risico op prostaatkanker. De metastudie evalueerde de gegevens van in totaal meer dan 10.000 mannen; sommige ervan waren gezond, andere hadden prostaatkanker. Ter informatie: dit type van studie geldt als betrouwbaarder dan studies die slechts één enkel experiment verslaan. Volgens de onderzoekers van deze studie is de denkpiste van het hormonengehalte in het bloed dus niet langer hoopgevend.





