Geneesmiddelen tegen plasincontinentie

Geneesmiddelen tegen plasincontinentie

Alleen voor drangincontinentie of urgency incontinence (ongewild urineverlies die gepaard gaat of voorafgegaan wordt door een dringende en onweerstaanbare drang om te plassen) en voor gemengde incontinentie (dwangincontinentie en inspanningsincontinentie) bestaan doeltreffende geneesmiddelen. Voor  inspanningsincontinentie alleen (treedt op bij een lichamelijke inspanning of een hoest- of niesbui) bestaat voorlopig nog geen enkel medicament.

Werking van de blaas

Om te begrijpen hoe de geneesmiddelen tegen plasincontinentie werken, moeten we weten hoe de blaas precies functioneert. Het samentrekken van de blaas wordt geregeld door receptoren die in de spier van de blaaswand zitten. De samentrekking van de blaasspier (en dus ook de urinelozing) gebeurt wanneer een molecule - acetylcholine genaamd - wordt vrijgegeven door neuronen en zich aan deze receptoren bindt. Bij iemand die geen plasproblemen heeft, komt acetylcholine bewust vrij bij de plasaandrang, wat een normale samentrekking van de blaas en de urinelozing veroorzaakt. Maar bij mensen met drangincontinentie wordt acetylcholine vrijgegeven door de hersenen zonder bewuste en gewilde controle van de persoon in kwestie om. Dat leidt tot ongewild en ongecontroleerd urineverlies.

 

Anticholinergica tegen urine-incontinentie

Anticholinergica zijn de geneesmiddelenklasse waar het vaakst een beroep op wordt gedaan bij de behandeling van urine-incontinentie. De anticholinergica hebben als taak om de receptoren van de blaas af te remmen, waardoor de kans op contractie van de blaas vermindert. De anticholinergica binden zich aan de receptoren van de blaas en verhinderen zo dat acetylcholine frequente contracties van de blaas veroorzaakt. Omdat de blaas zich minder vaak samentrekt, daalt de frequentie en het volume van het urineverlies automatisch. De meest gemelde bijwerkingen zijn constipatie, een droge mond, droge ogen en andere gezichtsstoornissen en maag- en darmproblemen. Sommige stoffen kunnen ook verantwoordelijk zijn voor geheugen- en concentratieproblemen. De frequentie waarmee de bijwerkingen optreden, verschillen wel van het ene anticholinergicum tot het andere. Dat geldt vooral voor een droge mond en geheugen- en concentratiestoornissen. Vraag uw huisarts om raad.

 

Myorelaxantia

Dit type geneesmiddel werkt rechtstreeks in op de blaasspier dankzij een spierontspannend effect. Maar myorelaxantia zijn minder doeltreffend dan anticholinergica en worden dan ook minder vaak voorgeschreven.

 

Psychotropen

Deze geneesmiddelen worden vooral gebruikt in de psychiatrie en zijn soms ook aangewezen voor de behandeling van urine-incontinentie.

 

Artikel gepubliceerd door op 11/04/2011

Vindt u het artikel interessant?
 

Meer weten

Bekijk ook