• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    0 mening
  • Commentaren (0)

FEA, het antidepressivum van de sporters

FEA, het antidepressivum van de sporters Onlangs bracht een studie het oude debat weer op gang over de vraag 'Is sport goed tegen depressie?'.

Het gebruik van antidepressiva heeft op wereldvlak een absoluut record bereikt. Sommige specialisten willen de boodschap uitdragen dat sport goed is voor het moreel, zodat de behandeling van sommige patiënten in die zin kan worden bijgestuurd.

Endorfines: een plausibele verklaring?

Het onderzoek naar de relatie tussen sport en stemming heeft zich lange tijd toegespitst op de afscheiding door de hersenen zelf van stoffen, enkefalines of endorfines genoemd, wegens hun gelijkenis met morfine. Bij lichamelijke inspanningen kan ons brein dan ook op natuurlijke wijze verzachtende stoffen produceren. Deze ontdekking begin jaren 80 bevorderde de associatie van sport met drugverslaving. Op die manier verklaarde men de verslaving en ontwenningsverschijnselen die sporters soms ervaren als ze hun geliefde activiteit niet kunnen beoefenen. Sindsdien werd deze hypothese - met name dat sporters verslaafd zijn aan hun eigen secretie van morfinederivaten - echter geregeld ontkracht. Het is duidelijk dat ook andere verschijnselen een rol spelen.

Amfetamines en verslaving

Het neurologenteam van professor Szabo opende misschien een ander perspectief. Het analyseerde de schommelingen van fenylethylamine (FEA), een kleine substantie in de hersenen die de wetenschappers intrigeert omdat ze structureel en farmacologisch sterk verwant is met amfetamines. Ze merkten namelijk op dat sporten het FEA-gehalte in de hersenen duidelijk doet stijgen. Het zou dan ook best wel eens kunnen dat deze fameuze sportverslaving - de Angelsaksische landen spreken van "sportalcoholics"- meer te maken heeft met FEA dan met endorfines.

Artikel gepubliceerd door op 08/04/2003

Bronnen: Szabo A, Billett E and Turner J: Phenylethylamin, a possible link to the antidepressant effects of exercice? Br.J.Sports Med 2001, 35: 342-343

Vindt u het artikel interessant?
 

Meer weten