• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    0 mening
  • Commentaren (0)

Europees besmet gevogelte: is er een gevaar voor de consument?

Europees besmet gevogelte: is er een gevaar voor de consument?Volgens een rapport van de Europese autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) is drie kwart van het gevogelte in Europa besmet met micro-organismen (Campylobacter, salmonella). Maar de dienst voegt er ook geruststellend aan toe dat er geen enkel gevaar is voor de consument zolang het vlees niet rauw wordt gegeten. We zetten voor alle zekerheid nog eens enkele regels voor voedselhygiëne op een rijtje.

76% van het gevogelte in Europa is besmet


De Europese autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft tests uitgevoerd in 28 Europese landen en in 561 slachthuizen. 76% van het geteste gevogelte was besmet met de Campylobacter bacterie en 16% met salmonella.
De analyses werden systematisch uitgevoerd bij aankomst van de dieren in het slachthuis en daarna bij vertrek van de kadavers. Van de levende dieren bleek 71% al drager te zijn van de bacteriën. Dat cijfer liep op tot 76% bij de kadavers, wat erop wijst dat er in het slachthuis een besmetting plaatsvond. In België is 31% van het gevogelte bij aankomst in het slachthuis besmet met de Campylobacterbacterie, na de slachting is dat 52%. Dat is dus in beide gevallen veel minder dan het Europese gemiddelde. Het aantal dieren dat besmet is met salmonella ligt met 18,7% na de slachting dan weer boven het Europese gemiddelde.

Wat zijn de gevolgen van deze besmetting voor de consument?


De Campylobacterbacterie en salmonella liggen aan de basis van ziekten die aan bepaalde voedselbronnen toe te schrijven zijn. Het gaat om de Campylobacter-infectie en om salmonellose. Beide besmettingen leiden tot voedselvergiftigingen die vooral gekenmerkt worden door symptomen in het maag- en darmkanaal.
Volgens het Franse agentschap voor voedselveiligheid AFSSA zijn " deze bacteriën in grote getale aanwezig in het spijsverteringskanaal van mens en dier. Ze kunnen zich op de huid van het gevogelte bevinden, maar nooit in de spieren. De Campylobacterbacterie vermenigvuldigt zich niet in het levensmiddel zelf en is weinig resistent tegen koude en warmte. De infectie van de consument is dus meestal het gevolg van een kruisbesmetting tussen levensmiddelen (wat zich uit in diarree en koorts). Ze wordt niet veroorzaakt door het nuttigen van de kip zelf - want die is klaargemaakt -, maar door een ander levensmiddel, een oppervlak of een vloeistof (marinade) die in contact is gekomen met de huid van de rauwe kip."
Met andere woorden, het goed garen van het gevogelte en het opvolgen van de maatregelen rond voedselhygiëne beschermen ons voor infecties van deze micro-organismen.

Artikel gepubliceerd door op 07/04/2010

Bronnen: Wetenschappelijk rapport van de Efsa (European food safety authority), maart 2010.

Vindt u het artikel interessant?