- Favorieten
-
Delen
Naar een vriend sturenNAAR EEN VRIEND STUREN close
Boodschap ter attentie van de internetbezoeker die zijn formulier invult
Ereutofobie, angst om te blozen - Afprinten
Ereutofobie, angst om te blozen
- Wat is ereutofobie? Waarom blozen we?
- Ereutofobie: wie is bang om rood te worden?
- Ereutofobie en het sociale leven
- Ereutofobie overwinnen
Wat is ereutofobie? Waarom blozen we?
Als we in een emotioneel ongemakkelijke situatie zitten, krijgt onze huid gemakkelijk een iets rozigere tint. Dat kan op de wangen zijn, maar ook in de halsuitsnijding. We blozen dan. Dit fenomeen uit zich in verschillende graden, bij de ene mens kan het al wat erger zijn dan bij de andere. En op zich heeft het ook niets pathologisch. Het mechanisme achter blozen is nog niet helemaal doorgrond, maar vast staat dat het te maken heeft met een hyperactiviteit van het sympathische zenuwstelsel. Dat staat in voor een aantal acties in het lichaam die los staan van onze wil. Blozen is dus per definitie niet te controleren. Fysiologisch gezien komt het overeen met een stijging van het bloedvolume in de fijne haarvaatjes onder de huid. Het is trouwens ook aangetoond dat er vaak verschillende grote "blozers" in eenzelfde gezin voorkomen. Dat zou erop wijzen dat er soms ook erfelijke factoren in het spel zijn.
Ereutofobie: wie is bang om rood te worden?
Als we blozen, wordt onze gêne of ons probleem zichtbaar voor de anderen. Sommige mensen beschouwen het dan ook als een verraad van hun lichaam. De vrees voor het oordeel van de andere wordt dan een bijkomende aanzet tot blozen. Zo komen ze in een echte vicieuze cirkel terecht. Persoon X is bang dat hij gaat blozen en begint te blozen in situaties waarin hij zich vroeger niet op zijn ongemak voelde. Geleidelijk aan ontstaat zo een echte fobie om rood te worden, in het jargon bekend als ereutofobie. Bij de meeste mensen komt deze angst voor het eerst op in de puberteit. Het fenomeen wordt meestal milder met de jaren, enerzijds omdat het zelfvertrouwen met de jaren doorgaans groeit, en anderzijds omdat de fysiologische neiging tot blozen met verouderen afneemt (vanaf 50).


