• rating
    • rating
    • rating
    • rating
    • rating
    1 mening
  • Commentaren (0)

De moderne beeldvorming ten dienste van de ziekte van Alzheimer

De moderne beeldvorming ten dienste van de ziekte van Alzheimer

De ziekte van Alzheimer is goed voor 60% van de gevallen van dementie in Europa. De hersenletsels bij de ziekte van Alzheimer werden bijna 100 jaar geleden voor het eerst beschreven, maar daarvoor was een autopsie noodzakelijk. Dankzij recente aanwinsten op het gebied van de medische beeldvorming kunnen we nu de letsels lokaliseren en meten naarmate de ziekte evolueert.

Hoe tast de ziekte van Alzheimer de hersenen aan?

Een hypothese die meer en meer aanhang vindt, is dat de ziekte van Alzheimer het gevolg is van meerdere verschijnselen die variëren in ernst, maar resulteren in een verlies van neuronen of zenuwcellen. Hersenen die goed werken, zijn in geografische zones georganiseerd, waarbij elke zone een welbepaalde functie heeft. De neuronen die met elkaar communiceren dankzij scheikundige boodschappers, neurotransmitters genaamd, zijn cellen die absoluut noodzakelijk zijn. Het astronomisch hoge aantal neuronen zal na verloop van tijd onverbiddelijk verminderen. De ziekte van Alzheimer versnelt het verlies van neuronen via meerdere mechanismen die nog niet goed gekend zijn.

Sommige zones worden meer aangetast dan andere en dat kan zichtbaar worden op beelden

De groep van Dr. Schahill maakte beelden van de hersenen van verschillende types patiënten met behulp van KST (kernspintomografie) of NMR (nucleaire magnetische resonantie). Sommige patiënten vertoonden lichte, matige of ernstige tekenen van de ziekte van Alzheimer, andere vertoonden nog geen symptomen. Bij vergelijking van de beelden is gebleken dat het verlies van neuronen in bepaalde zones van de hersenen toeneemt naarmate de ziekte voortschrijdt. En die tekenen van atrofie staan in verband met de toestand van de patiënt.

De conclusies van deze studies laten ook uitschijnen dat de ziekte eerder te wijten zou zijn aan een probleem van loskoppeling tussen neuronen, met name in de vroege fase van de ziekte.

Bijgewerkt door Marion Garteiser, gezondheidsjournaliste op 01/03/2011
Origineel artikel geschreven door op 17/06/2002

Bronnen: Dr. Stéphanie Lehmann Schahill R.I. et al. Proceedings of the National Academy of Sciences, 2002, 99(7): 4703-4707.

Dit artikel maakt deel uit van het dossier Thuishulp bij een zorgbehoevende bejaarde: de rol van de helpers

Vindt u het artikel interessant?